Opa Olivier was geen verliezer. Hij had zijn leven gestreden voor God, Volk en Vaderland. De strijd tussen recht en onrecht was zijn stokpaardje.
Ik jaag farizeeërs, schriftgeleerden en huichelaars mijn tempel uit, was zijn veel gehoord adagium. Daarmee gaf hij te kennen: wees oprecht, draai er niet omheen.
Hij had een hekel aan schijnheiligheid en haatte hoogmoed en arrogantie. Was hij het slachtoffer van zijn hoge leeftijd geworden waar werkelijkheid en verbeelding door elkaar heenliepen of was hij een ziener?
Opa Olivier liep doorgaans op een schoen en een slof. Hij was de held van Huize Sint Petrus. Hij had de respectabele leeftijd van 105 bereikt en had als oudste bewoner privileges verworven. Opa Olivier waande zich het eeuwige leven en zag zich als Gods Zoon.
Op goede vrijdag ging ik naar het bejaardentehuis. Daar zat opa Olivier met de doornenkroon op zijn hoofd, Christus Zelf te wezen. Hij had twaalf oude mannen om zich heen verzameld.
Aangenaam, de bende van twaalf mijn apostelen, zei hij met enige stemverheffing. Hij stond erop om die middag aan het kruis genageld te worden. Dan zou hij als lam Gods de zonde van de wereld wegwassen, had hij gepreveld. De mensheid zou zonder gewin of verlies voortgang maken. Als hij zou overlijden, moest men hem in doeken wikkelen en zou zijn begrafenis in aanwezigheid van zijn engelen -de bejaarden- moeten plaatsvinden, had hij verder gemompeld.
Alles in het juiste midden, opa? vroeg ik.
Alle hens aan dek, fluisterde opa Olivier die bijna verdronk in de oceaan van het leven.
Tot ziens bij de wederopstanding, waren zijn laatste woorden.
Met Hemelvaart is hij ten hemel gestegen.
Wetende dat kunst een subjectief begrip is, raak ik niet gauw onder de indruk van wat men als zodanig bestempelt. Kritisch ben ik in m'n beoordeling. Mooi of aardig kan ik iets vinden maar in dit geval bedoel ik een hoger plan: niet geraakt maar gegrepen worden door een diep gevoel, een flits van ademloosheid of noem het verliefd zijn. Op het scherp van de snede flirt ik graag met duistere fenomenen oftewel de donkere kanten van de menselijke ziel. Verval en vergankelijkheid zijn door mij in vele toonaarden bejubeld. Toen ik onlangs een videofilmpje van Marilyn Manson zag in zijn Sweet dreams had ik zo'n moment. Beelden van androgyne aard en gothic-invloeden die mij onmiddellijk aanspreken: zwart, duister en van ongelooflijk excentrieke schoonheid. In deze shockrock gingen hem al enigen voor zoals Ozzy Osbourne -inmiddels halfseniel- en zijn, in de jaren zeventig band, Black Sabbath en de rockzanger Alice Cooper. Ook David Bowie met zijn extravagante performances en vele imago's was destijds een intellectuele vernieuwing binnen de rock scene. Beïnvloed door avantgarde en drama creëerde hij een ongekende eigenheid. Op gebied van de beeldende kunst is het niet veel anders. Door de fantastische en surrealistische beelden van H.R.Gigerkan ik evenzo 'gegrepen' worden, vooral die uit zijn boek Necronomicon. Zo blader ik geregeld volgaarne door mijn 711 pagina's tellende Alchemie & Mystiek om de vele verfijnde plaatjes en schilderijen van onder andere William Blake te bekijken. Wat theater betreft, kun je me niet blij maken met een toneelvoorstelling omdat ik het vaak te statisch vind. Hou meer van drama, vrije expressie, mime tot Commedia dell'arte of dáár waar aan 'het toeval' wordt overgelaten. Gedichten mogen van mij doorspekt zijn met zwarte romantiek waar melancholie, vergankelijkheid, dood en leven centraal staan. Bloempjes, vlindertjes en bijtjes behoren naar mijn smaak in een poëziealbum thuis. Ook een goede poetry slam op z'n tijd is niet te versmaden zolang het met verve plaatsvindt. In de literatuur prefereer ik psychologische romans. Het reizen door de geest met verkenningen en grenzen zoeken door het menselijk bewustzijn. Graag identificeer ik mij met de ik-figuur. Pas wanneer ik het boek niet meer opzij leg en in een adem uitlees, weet ik dat de passie is toegeslagen.
Ik vind muizen lieve
diertjes. Mijn gastvrijheid is niet zo groot en onverwachte gasten kunnen me al helemaal gestolen worden. In
een oud huis, zoals ik heb, trekken muizen zich daar echter niet veel van
aan en vereren me regelmatig met hun bezoek. Geheid dat je zo'n grijs monster weg ziet schieten.
Soms moet je paal en perk stellen wanneer je weer eens gescharrel in de hoek van de kamer hoort om de geur des doods te vermijden. Van een
muizenklem hou ik niet. Het is me een keer gebeurd, in een ver
verleden, dat zo'n muis met z'n poot in de val zat: muis in huis
Gisteren was het weer
zover. Muis gevangen in een muisvriendelijke val. Ik spreek muis bemoedigend toe en vertel dat hij met een kwartier uitgelaten
wordt. Daar gaan we dan... richting park. Nietsvermoedend sta ik in het veelbelovende plantsoen des onheils, muis rent eindelijkbevrijd drie meter door het veld en een kauw vliegt uit de boom om met muis
te spelen. Muis rent nog harder en oh schrik verderop een onvoorziene loerende
kraai en een ekster, deze laatste, de snelste van het trio, schiet vanuit een es linea recta op de muis
af, laat zich op mijn net verworven vriend vallen en ik zie nog net -tot mijn leedwezen- de vogel met mijn huismuis de lucht
in vliegen.
Die
van Daar boog zich over haar en zag dat het goed was Wie van Waar
had deze oorzakelijkheid besloten deze zin, door jou bedacht, zou het begin zijn van een boek
dat we ooit samen zouden schrijven het is er niet van gekomen
1976
een heftig jaar
van
scheiden en ontmoeten
een
weekend verschilsdenken in Eesveen
jij
woonde een paar weken bij mij in huis hoogtepunt in
spiritualiteiten én spiritualiën
swingen
in de Kosmos
trippen
blowen
dansen
op de bar
only
rock & roll
wij tekenden
voor een hoge leeftijd samen 165: jij 80, ik 85 het
is er nooit van gekomen
dit
voorjaar bij mooi weer zouden we een terrasje pakken het zal
er nooit meer van komen