dinsdag 3 april 2018

het voorjaar is er weer...

Opvallend is het lyrisch beschrijven van de lente door een aantal troubadours, dichters en nieuwslezers. 
De bijtjes en bloempjes, lammetjes en kalfjes staan in hoog aanzien en menigeen kweelt over het voorjaar waar momenteel al enigszins iets van te merken is.
Het eerste kievitsei is onlangs in Zuid-Holland gevonden.
Rondom mij hoorde ik zeuren over het slechte weer en de koude vroeg vallende Paasdagen. 

Met z'n allen hadden ze de uitpuilende terrassen willen bestormen om vooral geen zonnestraaltje te hoeven missen of met grote getale de overvolle stranden bezetten en zich verdringen om de beste plek. Een bungalow huren bij sporthuis Centrum zat er ook al niet in. Neen, gefrustreerd verveelde men zich met Pasen voor de buis en achter de kachel.

Ook ik trok vandaag de natuur in met de gedachte heerlijk door de polder te rijden om ergens op een rustig terras te genieten van mijn drankje en een sprankje zon.
Ik had het kúnnen weten.
Wielrenners zijn massaal uitgetrokken om hun extra vetpondjes eraf te racen. Met een idioot harde vaart, soms vier man zij aan zij, komen ze je tegemoet of versperren je de weg met hun gladjanus broekjes strakgetrokken in het kruis. Ik heb al zo'n hekel aan uniform maar deze achterlijke uitdossing is helemaal niet te verteren. In het ergste geval blijf je achter zo'n reet plakken en gaan ze met de grootste moeite aan de kant.
Ook de hardlopers laten van zich weten. Rennend, huppelend en hijgend in het zweet banen zij zich een weg door het land. Sportief Nederland is weer volop in beweging.

De lente is niet mijn favoriete jaargetijde.
Ik hou meer van het najaar, het verval. Daar waar de meeste mensen depressief worden, maakt het mij juist beschouwend en geeft me een overmaat aan inspiratie. De vlagen en stormen na een drukkende warme zomer zijn bevrijdend. Ik kijk graag naar de vallende bladeren en kaal wordende takken. Opvallend is dat de meest ingrijpende gebeurtenissen in mijn leven zich hebben afgespeeld in de herfst, zowel de hoogte- als dieptepunten. Van verliefdheid, prille liefdes en vernieuwing tot scheiding, verlies en dood.
Ook de winter is niet te versmaden. Helaas mis ik de koude winters van vroeger. Ik kan me herinneren dat ik als kind met mijn vader over de Amstel schaatste bij twintig graden vorst. Dikke kranten onder onze truien tegen de kou...

zondag 1 april 2018

verrijzenis


Opa Olivier was geen verliezer. Hij had zijn leven gestreden voor God, Volk en Vaderland. De strijd tussen recht en onrecht was zijn stokpaardje.
Ik jaag farizeeërs, schriftgeleerden en huichelaars mijn tempel uit, was zijn veel gehoord adagium. Daarmee gaf hij te kennen: wees oprecht, draai er niet omheen.
Hij had een hekel aan schijnheiligheid en haatte hoogmoed en arrogantie. Was hij het slachtoffer van zijn hoge leeftijd geworden waar werkelijkheid en verbeelding door elkaar heenliepen of was hij een ziener?
Opa Olivier liep doorgaans op een schoen en een slof. Hij was de held van Huize Sint Petrus. Hij had de respectabele leeftijd van 105 bereikt en had als oudste bewoner privileges verworven. Opa Olivier waande zich het eeuwige leven en zag zich als Gods Zoon.
Afgelopen goede vrijdag ging ik naar het bejaardentehuis. Daar zat opa Olivier met de doornenkroon op zijn hoofd, Christus Zelf te wezen. Hij had twaalf oude mannen om zich heen verzameld.
Aangenaam, de bende van twaalf mijn apostelen, zei hij met enige stemverheffing. Hij stond erop om die middag aan het kruis genageld te worden. Dan zou hij als lam Gods de zonde van de wereld wegwassen, had hij gepreveld. De mensheid zou zonder gewin of verlies voortgang maken. Als hij zou overlijden, moest men hem in doeken wikkelen en zou zijn begrafenis in aanwezigheid van zijn engelen -de bejaarden- moeten plaatsvinden, had hij verder gemompeld.
Alles in het juiste midden, opa? vroeg ik.
Alle hens aan dek, fluisterde opa Olivier die bijna verdronk in de oceaan van het  leven.
Tot ziens bij de wederopstanding, waren zijn laatste woorden.
Met Pasen is hij ten hemel gestegen.