maandag 2 oktober 2006

zelf

Een mengeling van mogelijkheden stroomde de afgelopen week binnen. Ik leed weer eens aan mijn vele dilemma’s want wat ik ook de revue liet passeren; ze kwamen en gingen. Om maar enige thema’s te noemen: scepsis, cynisme, dilemma’s, agnosticisme, zelfspot...
Bij zelfspot aangekomen ging de rem van mijn associatief vermogen los: zelfverloochening, zelfbehagen, zelfzucht, zelfbehoud, zelfbesef, zelfvertrouwen, zelfbespiegeling, zelfvoldoening, zelfbewust, zelfvernietiging, zelfkant, zelfbeschikking, zelfverheffing, zelfkant, zelfbeklag, zelfkennis, zelfkritiek, zelfdoding, zelfoverschatting, zelfstandigheid, zelfverwijt, zelfbeheersing, zelfverzekerd, zelfbeeld, zelfbeschouwing, zelfexpressie, zelfbezinning... Mij dunkt, alles even interessant.

Toen kwam ik simpelweg uit bij het ZELF. Letterlijk: de eigen persoon of het eigen wezen.
Na wat naslagwerk kwam ik in van Anima tot Zeus een prachtige passage over het ZELF tegen. Ik zou het met mijn eigen woorden niet mooier kunnen vertellen.


Het zelf is een intuïtief concept, een grensbegrip dat als hulpstructuur functioneert om alle psychische verschijnselen in een concept onder te brengen. Het bewustzijn, het ego, wordt niet beschouwd als het centrum van de gehele psyche. Een groot deel van de psyche is aanwezig in het onbewuste. Er is daarom een samenhangend concept nodig dat zowel de bewuste als de onbewuste verschijnselen omvat. Het zelf omvat zowel het centrum van de psyche als de gehele psyche. Het zorgt voor het behoud van de identiteit door alle fasen van het leven heen. Het zelf is het archetype met de grootste curiositeit. Het is autonoom ten opzichte van het bewustzijn. Het is het centrale archetype, het archetype van de totaliteit, de heelheid van de mens. Het is het meest actief in het religieuze symbolische leven.
Het zelf is het integratieve centrum van de gehele psyche, dus zowel van het bewuste deel, dat door het ik wordt gereguleerd, als van het onbewuste deel van de psyche. Het vormt daarom als het ware de eigenlijke persoonlijkheid die iemand is. Het ik is in de loop van de bewustzijnsontwikkeling uit het zelf ontstaan. De krachten van het ik botsen later tegen de krachten van het zelf.
Het ik neigt tot handhaving van de statusquo en de gegeven persoonlijkheid. Het zelf is geneigd tot dynamiek, verandering en herbeoordeling van de bestaande toestand.
Het ik beheert niet de gehele psyche. Dat doet het zelf. Dit is een grootheid die boven het bewuste ik staat en die functioneert in de dimensies ruimte en tijd. Over het zelf, dat niet gebonden is aan de dimensies ruimte en tijd, heeft het ik geen zeggenschap door middel van de wil.
In het onbewuste bestaan naast ontbindende neigingen ook integrerende, opbouwende neigingen, die afkomstig zijn van dit regulerende centrum, het zelf. (creativiteit) Dit zelf is niet alleen het integratieve middelpunt maar bepaalt ook de totale omvang van het bewustzijn en van het onbewuste.
Het zelf als centrale autoriteit bepaalt de doelgerichtheid van het persoonlijk leven. Het ervaren van een functionerende ego-zelf-as brengt de zinvolheid van het leven in het bewustzijn. Het zelf is het archetype dat de mens als gids door het leven naar zijn bestemming leidt. De termen levensinstinct en persoonlijk daimon worden in dit verband ook gebruikt.
Het zelf treedt in onbewuste fantasieën op als hogere of ideale persoonlijkheid, zoals Zarathoestra bij Nietzsche. De archaïsche trekken van het zelf worden in symbolen wel van het ‘hogere’ zelf gescheiden weergegeven, bijv. Als Mephisto naast Faust. Empirisch heeft het zelf een goede, lichte zijde en een kwade, donkere schaduwkant.
Het zelf is de bron van dromen, waardoor het ik communiceert. Psychisch vindt tijdens een droom, visioen, extatische toestand of religieuze beleving de eerste ontmoeting met het zelf plaats, met negatieve ervaringen als angst en afschrikwekkende verwarring. Deze ervaringen zijn kenmerkend voor een onvoorbereid samentreffen met het onbewuste.
De symbolen waarin het zelf wordt uitgebeeld, zijn zodanig dat daarin de vereniging van de donkere en lichte aspecten van de psyche tot uitdrukking komen. Erotische symbolen drukken ongerealiseerd religieus zoeken uit, een vereniging met het zelf. Religieuze symbolen die betrekking hebben op de godheid komen frequent voor.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen