donderdag 5 februari 2009

parfum

Een van de verschrikkelijkste uitvindingen in de geschiedenis vind ik het parfum. Op zich heb ik er niets op tegen maar wat ik niet zie zitten is het overvloedig en mateloze gebruik ervan. Soms ruik je eerst de parfum, dan zie je pas de persoon en vervolgens laat hij of zij zijn/haar geurspoor na. De ene is wat beter te verdragen dan de ander maar doorgaans ben ik er allergisch voor.
Een van mijn meest uitstekend functionerende zintuigen is mijn reuk. Het verschaft me een breed scala van emoties.
Op de eerste plaats: genot en genoegen. Welk een ware vreugd te wandelen langs de branding en de zilte geuren te mogen ruiken en proeven van de zee. Welk een hoogtepunt me te mogen bevinden in een tuin van geurig tijm of een veld van weelderig welriekende jasmijn. Ik weet nog de pretentieloze bedwelming van de Patchouli. Eind jaren zestig geurde heel Amsterdam naar deze etherische olie.
Op de tweede plaats: grote ergernis.
Ik zat samen met een goede kennis in een restaurant me uitermate te verheugen op de dingen die zouden komen. Het etablissement was oogstrelend, keurig gesteven linnen tafellakens met bijpassende servetten kunstig gevouwen en fraai kristal- en zilverwerk.
Bij het binnenkomen werden onze jassen aangenomen en werden we naar onze plaatsen begeleid. Ik had een gezellige tafelgenoot, het kon niet beter. Een mooi glas wijn, de amuse stemde me prettig en er was een veelbelovende menukaart. Verrukkelijke geuren uit de keuken kwamen me tegemoet en het water liep me in de mond. De ietwat ouderwetse gastheer was een aardige hoffelijke man. Klant was hier -nog- koning. Het was echt voortreffelijk. Mijn humeur was stralend, het kon bijna niet meer stuk. Het zou een fantastische avond worden… 
Het voorgerecht werd geserveerd door de ober met een licht Frans accent. Bedreven, geduldig en beleefd legde hij uit wat er op het bord lag. We genoten, het was tong- en oogstrelend.
En toen, ja, toen werden we grof gestoord door de openslaande deur. Twee heren met hun dames kwamen zeer luidruchtig binnen. Ze werden begeleid naar een tafel uitgerekend pal naast de onze. Ineens rook ik van dame één haar parfum, een indringende walm van synthetisch-chemische geurstof. En gadverdamme, ook dame twee, haar parfum was nog penetranter en overheersender dan die van dame één. De heren wilden niet onderdoen. Zij hadden zich rijkelijk besprenkeld met aftershave. Tot overmaat van ramp stak het hele gezelschap ook nog een dikke sigaar op.
Mijn eetlust was weg, m'n goede humeur ook.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen